3 manieren om met schaalbare verdienmodellen te werken

Schaalbare verdienmodellen

Ben je niet zo’n lezer?

Je kunt deze blog ook als podcast luisteren:


Ik werk 24-30 uur per week, maar verdien een fulltime inkomen.⁣
Ik bepaal mijn eigen werkdagen en -tijden.⁣
Ik bepaal waar ik werk en hoeveel ik werk.⁣

Hoe?⁣

Voor een groot deel door schaalbare verdienmodellen: oftewel, ik verdien het meeste van mijn geld op manieren waarbij ik niet uurtje-factuurtje hoef te werken. Het loopt ook door zonder mijn fysieke aanwezigheid. Ideaal als je kind weer eens ziek wordt of er iets anders onverwachts gebeurt. ⁣

Hoewel ik geen voorstander ben om – als je net start met ondernemen – gelijk op meerdere paarden te wedden (zorg eerst maar dat er iets écht goed staat), zou ik naarmate je langer onderneemt wel aanraden om meerdere én schaalbare verdienmodellen te hanteren. ⁣

Voor mij is dat niet alleen omdat ik het heerlijk vind om niet elke dag hetzelfde te hoeven doen. Het is vooral om financiële zekerheid te creëren voor mezelf. ⁣

Slapend rijk worden (?)

Een grote misvatting omtrent schaalbare verdienmodellen (soms ook wel ‘passief inkomen’ genoemd), is dat je er slapend rijk van wordt. Dat je niet meer hoeft te werken, maar het geld wel binnen blijft komen. Slapend rijk worden bestaat niet, maar je kunt met schaalbare verdienmodellen wél relaxter wakker worden. Schaalbare verdienmodellen zorgen er namelijk voor dat je bedrijf niet per se om jouw aanwezigheid draait. Je hoeft dus niet per se om 9 uur aanwezig te zijn of om 17 uit te klokken. Het maakt geen wezenlijk verschil als je een dag niet kan of wil werken. Je geld komt namelijk op een andere manier binnen dan wanneer je uurtje-factuurtje werkt.

Dat is precies de reden waarom ik zo’n groot voorstander ben van dit soort verdienmodellen. Je bent hierdoor veel flexibeler en hebt veel meer vrijheid, omdat je echt zelf je werktijden en werkplekken kunt bepalen. Ik werk zelf met drie verschillende schaalbare verdienmodellen:

Voorbeelden schaalbare verdienmodellen

1. Affiliates

Dit is een dikke aanrader als je een blog hebt, maar ook als je klanten verder helpt. Het overgrote deel van de inkomsten uit mijn reisblog Reisdoc.nl komen uit affiliates. Het is niets anders dan dat je je bezoeker verwijst naar een externe website. Als deze bezoeker daar iets koopt of boekt, krijg jij als beloning een percentage over het besteedde bedrag uitgekeerd. Deze commissie kan een paar cent zijn, maar als je het slim inzet en de juiste affiliateprogramma’s uitzoekt kan dat per ‘sale’ oplopen tot een paar honderd euro. Deze bezoeker kan ook prima op je website komen en op de link klikken als jij niet aan het werk bent. Jouw uren gaan dan vooral zitten in het maken van goede content, zorgen voor verkeer naar je website en zorgen dat je bezoeker daadwerkelijk op de link klikt.

Het kan overigens met blogs, maar er bestaan ook hele affiliate webshops die hier duizenden euro’s per maand mee verdienen. Dus mocht schrijven niet zo je ding zijn, dan is dat ook nog een optie.

2. Online cursussen

Wat je nu ook in loondienst of al als ondernemer doet, vrijwel alle kennisgebieden zijn in een online cursus te gieten. In tijden van corona is het steeds normaler geworden om online te leren, en dat zal de komende jaren alleen maar meer worden gok ik. Als jij als stylist werkt, kun je prima een cursus maken over hoe je erachter komt welke kleuren bij jou passen. Als jij goed bent in schrijven, dan kun je heel goed aan de slag met een cursus over schrijven voor [noem een specifieke doelgroep]. Het maken van de cursus kost tijd, maar dat is allemaal vooraf. Het duurt dus even voor je de investering van je tijd hebt terugverdiend.

En als ik een ding heb geleerd van mijn eigen online cursussen (zowel van de Mompreneur Kickstart en mijn masterclass) als de e-course van Snappr, dan is het wel dat het geld niet vanzelf binnenkomt stromen. Er is flink wat doorlopende marketing nodig om het ‘aan de man’ te brengen en te zorgen dat het daadwerkelijk verkoopt. Dat moet je leuk vinden. En je moet er goed in zijn, maar dat is iets wat je wel kan leren. Het leuk vinden is vooral belangrijk. Ook hier geldt weer: je besteedt je tijd niet aan het telkens opnieuw moeten geven van de cursus. Als het staat, staat het. Maar jouw focus hier ligt er vooral op dat je mensen weet te overtuigen om het te gaan kopen.

3. Team

Misschien niet direct het eerste waar je aan denkt als je net voor jezelf begint. Maar zodra jij ook maar een beetje inkomsten hebt en merkt dat je dagen steeds voller worden, is het al zaak om na te denken over je eerste teamlid. Dat hoeft overigens echt geen vast personeel te zijn! Ik werk zelf alleen maar met freelancers, zodat ik alleen kosten heb als ze daadwerkelijk werken. Alle uitvoerende werkzaamheden binnen Snappr worden opgevangen door freelance PR-adviseurs. Op elk uur dat zij voor een klant werken, verdienen wij een marge. Zij werken uurtje-factuurtje, maar wij niet. Wij hoeven hierdoor zelf niet meer continu bereikbaar te zijn voor media of de klanten, maar focussen ons nu vooral op de sales en marketing. Hoe meer klanten we hebben, hoe meer omzet wij draaien. En zitten de freelancers vol, dan zoeken we (op tijd) naar extra versterking. Zo is het aantal klanten dat we kunnen helpen in theorie oneindig.

En ook voor Chantalschram.nl heb ik in de eerste maand al versterking gezocht (in de vorm van een business coach), zelfs nog voor ik er geld mee verdiende. Juist door te investeren kun je veel sneller meer omzet draaien en verdien je je investering snel genoeg terug. Inmiddels bestaat mijn eigen team uit een boekhouder, ads specialist en techspecialist. En voor Reisdoc.nl schrijven meerdere gastbloggers, zodat ik zelf niet meer alle verhalen hoef te schrijven.

Een team is mogelijk in allerlei soorten en maten. Je bent niet in alles goed en je vindt niet alles leuk. Gelukkig is er vrijwel altijd iemand te vinden die juist dat wél leuk vindt en er ook nog eens goed in is. Dan kost het misschien wat, maar het levert jou uiteindelijk meer omzet op én meer vrije tijd.

Ik zeg: win-win.